maandag 29 maart 2010

Psalm 121:1-2 - Hoger

SV
Naar de Naardense Bijbelvertaling
Ik hef mijn ogen op naar de bergen, vanwaar mijn hulp komen zal. Mijn hulp is van den HEERE, Die hemel en aarde gemaakt heeft. Ik hef mijn ogen op naar de bergen: vanwaar zal komen mijn hulp? Mijn hulp is van bij de HEERE, de Maker van hemel en aarde.
(tekst nog niet beschikbaar in HSV)
andere vertalingen

Een bemoedigende tekst, vol van vertrouwen op God. De dichter van Psalm 121 spreekt zijn vast vertrouwen uit in de Heere God. God is dat vertrouwen ook waard! Waar zou u / jij zijn zonder Zijn genade?

't Oog omhoog, het hart naar boven, hier beneden is het niet... De hulp is bij God te krijgen. Sommige vertalingen lezen de zin als een vraag: komt van de bergen mijn hulp? In dat geval is het nog steeds duidelijk dat daar de hulp niet vandaan komt, de hulp komt bij God vandaan.

Psalm 121 (Naardense Bijbelvertaling)
(Zang van de opgangen.)
Ik hef mijn ogen óp naar de bérgen:
vanwáar
zal kómen mijn húlp?
Mijn hulp is van bíj de ÉNE,
de Máker
van hémel en áarde.
Niet geve hij je voet aan wánkeling príjs,
niet sluimeren zal híj
die óver je wáakt.
Zie, nooit slúimert, nooit sláapt
hij die
óver Ísraël wáakt.
Het is de ÉNE die over je wáakt,
de ENE is je scháduw
aan je réchterhánd.
Overdag
zal de zón je niet stéken,
noch de máan ín de nácht.
De ENE
zal over je waken voor álle kwáad,
hij zal wáken
óver je ziél.
De ENE
waakt over je gáan en je kómen,
van nú
en tót in éeuwigheid.


Vers 1 en 2 zijn de vechtverzen van deze week. Voor de komende 4 weken staan de overige 6 verzen uit deze Psalm gepland (in Statenvertaling). Na 4 weken vechtverzen inprenten kent u dan (hopelijk) de hele psalm.

Terug...

Door computerproblemen is er afgelopen week geen vechtvers verschenen. Zelfs het berichtje dat ik dacht te plaatsten op Twitter, verscheen niet op de site. Een en ander is opgelost, dus tijd voor het vechtvers van deze week: Psalm 121:1-2.
Meer hierover in een volgend bericht.

Het vechtvers van afgelopen week was Jakobus 1:12
Zalig is de man die verzoeking verdraagt; want als hij beproefd zal geweest zijn, zal hij de kroon des levens ontvangen, welke de Heere beloofd heeft dengenen, die Hem liefhebben.

Wilt u de berichten van vechtvers in uw mailbox ontvangen? Klik dan aan de rechterkant op de site op Via email-abonnement. Daar vindt u ook nog andere mogelijkheden om de meest recente informatie van vechtvers.nl te volgen.

Gods zegen toegewenst bij het leren van de vechtverzen!

woensdag 17 maart 2010

Jakobus 1:2-3 - Blijdschap

Vreugde wanneer ik in verzoeking terechtkom? Waarom vreugde? Verzoeking, beproeving, verdrukking zijn toch niet om blij van te worden? De kanttekening bij vers 2 in de Statenvertaling geeft aan dat het gaat om alle, dit is enkel vreugde, anders niet dan vreugde. Maar goed, dat is nog niet het antwoord.

De kanttekening geeft verder aan dat het gaat om het gevoelen van Gods genade in het midden van de verdrukkingen en dat het gaat om het merken van het nut en de vruchten van de verdrukkingen, wat in de verzen erna is opgeschreven. Het gaat over Gods genade. Dat mag wel zorgen voor blijdschap. Ook als het niet gaat zo als je wilt.

Het citaat uit Bunyans Christenreis uit het vorige bericht eindigde met dat mensen die beproefd worden, het moeilijk vinden om te zien hoe het werk van genade in stand wordt gehouden. Matthew Henry schreeft in zijn Bijbelverklaring bij vers 2 van de vechtverzen dat we niet moeten verzinken in een staat van moedeloosheid en troosteloosheid, die zou maken dat wij onder de beproevingen bezwijken; maar wij moeten proberen onze zielen opgewekt en verlicht te houden. Verder schrijft hij: Het Christendom leert [...] er vreugde onder te hebben; omdat zulke dingen komen uit Gods liefde en niet uit Zijn toorn. Door hen [de moeilijkheden] zijn wij gelijkvormig aan Christus, ons hoofd, en krijgen wij de bewijzen van onze aanneming. Henri schrijft nog meer hierover. Teveel voor 1 bericht...
Meer leesstof vindt u hier:

zaterdag 13 maart 2010

Jakobus 1:2-3 - Geduldig en standvastig

SV
HSV
Acht het voor grote vreugde, mijn broeders, wanneer gij in velerlei verzoekingen valt; Wetende, dat de beproeving uws geloofs lijdzaamheid werkt. Acht het enkel vreugde, mijn broeders, wanneer u in allerlei verzoekingen terechtkomt, want u weet dat de beproeving van uw geloof volharding teweegbrengt.
andere vertalingen

Het Griekse woord hupomone wordt vertaald met lijdzaamheid of volharding. Dit woord komt voor in de laatste regel van de vechtverzen van deze week. Het blijkt dat dit woord in verschillende Bijbelvertalingen anders is vertaald. De betekenis erachter blijft hetzelfde: een gelovig mens kan door Christus kracht door blijven gaan totdat de beproeving voorbij is. Hoe meer de christen vast blijft staan in de Waarheid (in Christus dus) hoe meer de christen geduldig standvastig kan blijven.

In het boek De Christenreis schrijft John Bunyan over de kracht van Christus:

Ik zag daarna dat Uitlegger Christen bij de hand nam en hem bracht naar een plaats waar een vuur tegen de muur brandde. Daar stond een man, die onophoudelijk water in het vuur goot om het te blussen, maar de vlammen doofden niet, het vuur werd hoger en heter.
"Wat betekent dit?" vroeg Christen. Uitlegger antwoordde: "Dit vuur is het werk van genade in het hart; hij die dat water er in giet om het vuur te doven, is de duivel. U merkt dat het vuur toch hoger en heter wordt."

"Ik zal u ook de oorzaak hiervan laten zien." Uitlegger bracht Christen aan de andere kant van de muur, waar hij iemand zag met een vat olie in de hand, waaruit hij ongemerkt olie in het vuur goot.

"Wat betekent dit?" vroeg Christen. Uitlegger antwoordde: "Dit is Christus, die het werk, dat Hij in het hart begonnen is, met de olie van zijn genade in stand houdt. Wat de duivel ook aan pogingen onderneemt, de zielen van Zijn volk behouden de genade.
Dat de man juist achter de muur stond om het vuur brandend te houden, dat is om u te leren dat mensen die beproefd worden, het moeilijk vinden om te zien hoe het werk van genade in stand wordt gehouden."

zaterdag 6 maart 2010

Psalm 77:14-15 - Is God veranderd?

SV
HSV
O God, Uw weg is in het heiligdom; wie is een groot God, gelijk God? Gij zijt die God, Die wonder doet; Gij hebt Uw sterkte bekend gemaakt onder de volken. niet beschikbaar in HSV
andere vertalingen

In vers 14 vraagt de dichter Asaf zich af, welke god is er zo groot als onze God? Asaf was zich niet bewust van Gods nabijheid valt te lezen aan het begin van psalm 77. Hij wordt zich ervan bewust dat God er wel degelijk is. Dat merkt hij wanneer hij terugkijkt: Ik dacht aan de tijd van vroeger, de jaren van de eeuwen. Asaf denkt na over hoe God beloften had gedaan en die nu dan zomaar plotseling zou breken? Nee, bedenkt hij, God is dezelfde (vers 11). Dat beschrijft Asaf dan ook tot aan het einde van de psalm.

De kanttekeningen van de Statenvertaling laten zien wat er bedoeld wordt met het begin van vers 14: Uw weg is in het heiligdom:"Gods regering begrijpt men eigenlijk goed in Zijn heiligdom en gemeente, niet onder de kinderen van deze wereld." Een goede zaak dus om als broeders en zusters samen te komen. Want dat is blijkbaar een plek waar Gods wil duidelijk wordt gemaakt.

Dit gedeelte van de tekst kan ook vertaald worden (zoals te zien is in andere vertalingen dan de Statenvertaling) met Uw weg is in heiligheid. Volgens dezelfde kanttekening, staat er dan: "Gods doen is geheel heilig, al is het dat wij het dikwijls niet begrijpen."

Om in de stijl van Asafs psalm te blijven: zou God vandaag de dag veranderd zijn?

zaterdag 27 februari 2010

Psalm 73:25-26 - Vertrouwen op God

SV HSV
Wien heb ik nevens U in den hemel? Nevens U lust mij ook niets op de aarde. Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid. niet beschikbaar in HSV
andere vertalingen
Een korte duik in de oude woorden van deze Psalm:
  • Nevens is een oud woord, het betekent naast: Wie heb ik naast U in de hemel?/Wie anders dan U heb ik in de hemel?
  • Vlees en hart, dat zijn het lichaam en de ziel.
Vers 26 klinkt dan vrij vertaald: Al zouden mijn lichaam en mijn ziel bezwijken, de rots van mijn hart, mijn erfdeel, blijft God voor eeuwig.

Vertrouwen op God is iets wat een mens siert. De schrijver van Psalm 73, Asaf, keek naar de goddelozen en vergeleek zichzelf met hen. Hij klinkt jaloers, maar hij trekt de conclusie dat het verkeerd met hen afloopt.
Verderop in deze Psalm ontdekt hij dat hij dom en dwaas was en noemt zichzelf "een groot beest bij U". Dan verandert de klank van de psalm: Ik zal altijd bij U zijn, U hebt mijn rechterhand gepakt. Asaf stelt zijn vertrouwen op God. Dat siert een mens niet alleen, maar geeft ook eer aan God:

ik zet mijn betrouwen op den Heere HEERE, om al Uw werken te vertellen (Psalm 73:25b).

Het volgende lied spreekt ook van dat vertrouwen:
'k Stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God.
Want in zijn hand ligt heel mijn levenslot.
Hem heb ik lief, Zijn vrede woont in mij
‘k Zie naar Hem op en weet: Hij is mij steeds nabij.
uit: Evangelische Liedbundel, lied 188

 

zaterdag 20 februari 2010

1 Johannes 2:15-17 - Leven

SV HSV
Hebt de wereld niet lief, noch hetgeen in de wereld is; zo iemand de wereld liefheeft, de liefde des Vaders is niet in hem. Want al wat in de wereld is, namelijk de begeerlijkheid des vleses en de begeerlijkheid der ogen en de grootsheid des levens, is niet uit den Vader, maar is uit de wereld. En de wereld gaat voorbij, en haar begeerlijkheid; maar die den wil van God doet, blijft in der eeuwigheid. Heb de wereld niet lief en ook niet wat in de wereld is. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem. Want al wat in de wereld is: de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven, is niet uit de Vader, maar is uit de wereld. En de wereld gaat voorbij met haar begeerte; maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid.
andere vertalingen

Leven als een god in Frankrijk wordt er wel eens gezegd. Dat is een heerlijk leventje in de warme zon.
Streven naar de hoogste prijs bij de Olympische Spelen.
De voetbalwedstrijd winnen.
Het nieuwste mobieltje willen hebben.
Heeft het streven naar deze aardse dingen nut?

Ik wil u vragen om daar eens over na te denken. Is uw antwoord ook een Bijbels antwoord?
De vechtverzen van deze week laten zien dat we niet hoeven te streven naar hebzucht en dat we niet ons leven (ons vlees = ons lichaam) hoeven te verbeteren met alles wat we nodig denken te hebben. We hoeven alleen maar de wil van God te doen. Maar hoe weet je die? De kanttekeningen in de Statenvertaling vertellen dat dit betekent "het vlieden van deze begeerlijkheden en zonden."

Romeinen 12:2 spreekt ook over dit thema: En wordt dezer wereld niet gelijkvormig, maar wordt veranderd door de vernieuwing uws gemoeds, opdat gij moogt beproeven, welke de goede en welbehagelijke en volmaakte wil van God is.
Lees eens Romeinen 12 en het artikel en de vechtverzen van 25 januari 2010. Hier gaat het ook over veranderd worden door de vernieuwing van het denken. Door het goede te bedenken kunnen we de wil van God onderscheiden.